Deze optie heeft meerdere praktische
voordelen:
o Het gebouw wordt aangepast aan de huidige en toekomstige noden
van onze gemeenschap: individuele kamers, ziekenboeg. Het oude kloostergebouw
biedt te weinig ruimte voor het inrichten van voldoende kamers om
de broeders te herbergen.
o We bouwen toekomstgericht – ook al kunnen we de toekomst
niet voorspellen. Het geloof in de zinvolheid van het monastieke
leven doet ons investeren in de toekomst.
o De huidige kerk wordt een vleugel van het nieuwe kloostervierkant,
waardoor de klassieke cisterciënzertypologie wordt hersteld.
o De vroegere kerk wordt bewaard en herbestemd als refter en bibliotheek.
Top Waarom
geen leegstaand klooster betrekken?
Er is een sterke verbondenheid en verankering met de omliggende
streek en met de lokale kerkgemeenschap. Als abdij staan we in een
eeuwenlange traditie, die verbonden is met deze site in Westvleteren.
Uit diverse akten en archieven blijkt dat er, alvorens de huidige
abdij werd gesticht, in de loop der eeuwen maar liefst drie kloosters
op quasi dezelfde plaats, of in de onmiddellijke omgeving ervan
gevestigd waren. Zo is de ‘'Cella
Beborna', waarvan sprake in een akte van 806, waarschijnlijk
in dezelfde omgeving te situeren. Van 1260 tot 1355 was er een kleine
gemeenschap van zusters Benedictinessen.
En op de ‘Paterhoek’ bestond er van 1610 tot 1784 een
klooster van paters Birgittijnen.
Daarbij komt dat onze cisterciënzerlevenswijze een grote mate
van afzondering en stilte vergt die niet in een stad of op een drukbewoonde
plaats verwezenlijkt kan worden. Het gastenhuis heeft eveneens nood
aan een dergelijk rustgevende omgeving. Top
Komen deze verbouwingen ook aan de
gasten ten goede?
Gastvrijheid behoort tot het wezen van elke benedictijnse gemeenschap.
We stellen ons huis open voor mensen die willen aansluiten bij ons
getijdengebed en bij ons teruggetrokken leven. Daarom willen wij
in ons gastenhuis de mensen die ons leven wensen te delen, gastvrij
ontvangen. Door de verbouwingen wordt het mogelijk het onthaal en
de huisvesting aanzienlijk te verbeteren (o.a. een lift voor personen
met functiebeperkingen, een betere toegang naar de kerk, nieuw sanitair).Top
Waar kunnen onze gasten nu terecht?
De broeders bewonen nu het gastenhuis, waardoor we geen gasten
kunnen ontvangen. De abdijkerk blijft toegankelijk voor het getijdengebed
en de eucharistie. Men kan ook terecht in het ontmoetingscentrum
De Vrede en in het Claustrum
voor een inkijk in ons monnikenleven.
Voor een verblijf van meerdere dagen verwijzen we naar andere gastenhuizen.
Top
Waarom werken met een architect
als bOb Van Reeth?
bOb Van Reeth geeft gestalte aan waarden die nauw aansluiten bij
de cisterciënzerspiritualiteit: duurzaamheid, soberheid, eenvoud,
tijdloosheid, verinnerlijking. Zijn kennis van en waardering voor
de cisterciënzerarchitectuur en zijn vermogen om vanuit de
traditie op eigentijdse wijze vorm te geven aan ons kloostergebouw
ervaren we als een grote kans.
Het voorliggende ontwerp is het resultaat van teamwerk. Naast awg
architecten werken mee: het architectenkantoor Lambert-Vancoppenolle,
stabiliteitsingenieur D. Jaspaert, landschapsarchitect G. Bossaert
en verschillende studiebureau’s. Top
Hoe zullen de verbouwingen gefinancierd
worden?
Onze hoofdbron van inkomsten is onze brouwerij. De jaarlijkse opbrengst
van de brouwerij wordt verdeeld over verschillende fondsen (zoals
giften aan missionarissen en voor ontwikkelingswerk, giften voor
sociale projecten). Er is ook een fonds voor het onderhoud van de
gebouwen. Op die wijze wordt een deel van de middelen opzij gelegd
voor de verbouwingen, maar dit is ontoereikend. De laatste 20 jaren
zijn immers meerdere andere grote projecten volledig op eigen kosten
gerealiseerd: een nieuwe brouwzaal, renovatie van het oude poortgebouw,
het ontmoetingscentrum De Vrede. In de nabije toekomst moet ook
geïnvesteerd worden in nieuwe installaties in de brouwerij
(afvullijn). De kloostergemeenschap bekostigt deze vernieuwingen
zelf.
Daarbij komt dat de toestand betreffende de stabiliteit van de oude
kloostergebouwen pas de laatste jaren alarmerend geworden is. In
2001 werd de pandtuin nog heraangelegd, omdat er toen geen aanwijzingen
waren van bouwfysische problemen.
Het ziet er ook naar uit dat de geplande bouwwerken niet voor subsidiëring
in aanmerking komen.
Meer dan de helft van de nodige gelden zijn al bijeengebracht uit
eigen middelen en uit giften die de abdij al mocht ontvangen van
kloostergemeenschappen en enkele individuele weldoeners. Er blijft
nog € 3,5- miljoen te financieren.
We zouden een gedeelte kunnen lenen. Grote leningen hypothekeren
echter de toekomst van de gemeenschap.
Wij bouwen niet louter voor onszelf, maar ook voor de volgende generaties.
Door haar plaats in de kerkgemeenschap en door het gastenhuis is
de abdij méér dan een huis voor 26 broeders. Heel
wat mensen komen hier stilte, rust en bezinning zoeken. Het is dan
ook zinvol dat op de bredere gemeenschap beroep wordt gedaan om
het bouwproject te steunen. De solidariteit en de hulp die de kloostergemeenschap
mag ondervinden, zijn voor haar onontbeerlijk en scheppen tevens
zij een reële verbondenheid.
Top
Waarom niet meer brouwen?
Onze economische activiteit is ingebed in onze cisterciënzerlevenswijze,
waar we een evenwicht beogen tussen gebed, lezing en arbeid. Als
broeders hebben we een beperkte arbeidstijd tot onze beschikking.
We kiezen er voor om onze economie zelf te beheren. Een broeder
is hoofd van de brouwerij. De broeders doen het management, het
brouwen zelf, de kwaliteitsopvolging, het bottelen en de leiding
van de verkoop. Wij hebben een vrij klein personeelsbestand en ook
alle zorg voor het personeel worden door een broeder behartigd.
Er is nu een reële band tussen de gemeenschap en de brouwerij:
wij leven van het werk van onze handen; wij brouwen om te voorzien
in ons levensonderhoud. Bovendien zou het uitbreiden van de brouwerij
grote investeringen vergen, het aantrekken van meer en hoger gekwalificeerd
extern personeel, en het uit handen geven van het beheer. Wij wensen
ons eigen economisch systeem niet te veranderen omwille van een
tijdelijke nood.
We benutten nu maximaal onze brouwerij binnen de bestaande infrastructuur.
In gewone omstandigheden is dat voldoende voor het levensonderhoud
van de abdijgemeenschap, om de nodige investeringen te doen voor
de brouwerij zelf en om verschillende hulpfondsen te spijzen.
Ook werd het voorstel gedaan om tijdelijk onze bierprijzen te verhogen
zodoende grotere inkomsten te genereren voor de bouw. Wij vinden
dat we dit niet kunnen doorrekenen naar de verbruiker. Top
|