silhouetten monniken

 

De Sint-Sixtusabdij van Westvleteren

 

 

NL FR EN

Het wapenschild van de abdij
Home
Leven als monnik
Geschiedenis abdij
Kruisweg
Gastenhuis
Claustrum
Brouwerij
Ter meditatie
Links
Woorduitleg
Site map
 
Verbouwingen
Nieuws

Zuid-Oost gevel




Waarom investeren in vervangende nieuwbouw?

Noodzaak. Wij worden geconfronteerd met grote scheuren en onherstelbare verzakkingen in een deel van de gebouwen. Deze zijn over enkele jaren onbewoonbaar. De brandweer verklaarde ze nu al onveilig. De mogelijkheid tot renoveren werd grondig onderzocht, maar architecten en geraadpleegde specialisten adviseren ons vervangende nieuwbouw met behoud van de huidige en de vroegere abdijkerk.

Deze optie heeft meerdere praktische voordelen:
    o Het gebouw wordt aangepast aan de huidige en toekomstige noden van onze gemeenschap: individuele kamers, ziekenboeg. Het oude kloostergebouw biedt te weinig ruimte voor het inrichten van voldoende kamers om de broeders te herbergen.
    o We bouwen toekomstgericht – ook al kunnen we de toekomst niet voorspellen. Het geloof in de zinvolheid van het monastieke leven doet ons investeren in de toekomst.
    o De huidige kerk wordt een vleugel van het nieuwe kloostervierkant, waardoor de klassieke cisterciënzertypologie wordt hersteld.
    o De vroegere kerk wordt bewaard en herbestemd als refter en bibliotheek.

Top

Waarom geen leegstaand klooster betrekken?

Er is een sterke verbondenheid en verankering met de omliggende streek en met de lokale kerkgemeenschap. Als abdij staan we in een eeuwenlange traditie, die verbonden is met deze site in Westvleteren. Uit diverse akten en archieven blijkt dat er, alvorens de huidige abdij werd gesticht, in de loop der eeuwen maar liefst drie kloosters op quasi dezelfde plaats, of in de onmiddellijke omgeving ervan gevestigd waren. Zo is de ‘'Cella Beborna', waarvan sprake in een akte van 806, waarschijnlijk in dezelfde omgeving te situeren. Van 1260 tot 1355 was er een kleine gemeenschap van zusters Benedictinessen. En op de ‘Paterhoek’ bestond er van 1610 tot 1784 een klooster van paters Birgittijnen.
Daarbij komt dat onze cisterciënzerlevenswijze een grote mate van afzondering en stilte vergt die niet in een stad of op een drukbewoonde plaats verwezenlijkt kan worden. Het gastenhuis heeft eveneens nood aan een dergelijk rustgevende omgeving. Top

Komen deze verbouwingen ook aan de gasten ten goede?

Gastvrijheid behoort tot het wezen van elke benedictijnse gemeenschap. We stellen ons huis open voor mensen die willen aansluiten bij ons getijdengebed en bij ons teruggetrokken leven. Daarom willen wij in ons gastenhuis de mensen die ons leven wensen te delen, gastvrij ontvangen. Door de verbouwingen wordt het mogelijk het onthaal en de huisvesting aanzienlijk te verbeteren (o.a. een lift voor personen met functiebeperkingen, een betere toegang naar de kerk, nieuw sanitair).Top

Waar kunnen onze gasten nu terecht?

De broeders bewonen nu het gastenhuis, waardoor we geen gasten kunnen ontvangen. De abdijkerk blijft toegankelijk voor het getijdengebed en de eucharistie. Men kan ook terecht in het ontmoetingscentrum De Vrede en in het Claustrum voor een inkijk in ons monnikenleven.
Voor een verblijf van meerdere dagen verwijzen we naar andere gastenhuizen. Top

Waarom werken met een architect als bOb Van Reeth?

bOb Van Reeth geeft gestalte aan waarden die nauw aansluiten bij de cisterciënzerspiritualiteit: duurzaamheid, soberheid, eenvoud, tijdloosheid, verinnerlijking. Zijn kennis van en waardering voor de cisterciënzerarchitectuur en zijn vermogen om vanuit de traditie op eigentijdse wijze vorm te geven aan ons kloostergebouw ervaren we als een grote kans.
Het voorliggende ontwerp is het resultaat van teamwerk. Naast awg architecten werken mee: het architectenkantoor Lambert-Vancoppenolle, stabiliteitsingenieur D. Jaspaert, landschapsarchitect G. Bossaert en verschillende studiebureau’s. Top

Hoe zullen de verbouwingen gefinancierd worden?

Onze hoofdbron van inkomsten is onze brouwerij. De jaarlijkse opbrengst van de brouwerij wordt verdeeld over verschillende fondsen (zoals giften aan missionarissen en voor ontwikkelingswerk, giften voor sociale projecten). Er is ook een fonds voor het onderhoud van de gebouwen. Op die wijze wordt een deel van de middelen opzij gelegd voor de verbouwingen, maar dit is ontoereikend. De laatste 20 jaren zijn immers meerdere andere grote projecten volledig op eigen kosten gerealiseerd: een nieuwe brouwzaal, renovatie van het oude poortgebouw, het ontmoetingscentrum De Vrede. In de nabije toekomst moet ook geïnvesteerd worden in nieuwe installaties in de brouwerij (afvullijn). De kloostergemeenschap bekostigt deze vernieuwingen zelf.
Daarbij komt dat de toestand betreffende de stabiliteit van de oude kloostergebouwen pas de laatste jaren alarmerend geworden is. In 2001 werd de pandtuin nog heraangelegd, omdat er toen geen aanwijzingen waren van bouwfysische problemen.
Het ziet er ook naar uit dat de geplande bouwwerken niet voor subsidiëring in aanmerking komen.

Meer dan de helft van de nodige gelden zijn al bijeengebracht uit eigen middelen en uit giften die de abdij al mocht ontvangen van kloostergemeenschappen en enkele individuele weldoeners. Er blijft nog € 3,5- miljoen te financieren.
We zouden een gedeelte kunnen lenen. Grote leningen hypothekeren echter de toekomst van de gemeenschap.
Wij bouwen niet louter voor onszelf, maar ook voor de volgende generaties. Door haar plaats in de kerkgemeenschap en door het gastenhuis is de abdij méér dan een huis voor 26 broeders. Heel wat mensen komen hier stilte, rust en bezinning zoeken. Het is dan ook zinvol dat op de bredere gemeenschap beroep wordt gedaan om het bouwproject te steunen. De solidariteit en de hulp die de kloostergemeenschap mag ondervinden, zijn voor haar onontbeerlijk en scheppen tevens zij een reële verbondenheid.

Top

Waarom niet meer brouwen?

Onze economische activiteit is ingebed in onze cisterciënzerlevenswijze, waar we een evenwicht beogen tussen gebed, lezing en arbeid. Als broeders hebben we een beperkte arbeidstijd tot onze beschikking.
We kiezen er voor om onze economie zelf te beheren. Een broeder is hoofd van de brouwerij. De broeders doen het management, het brouwen zelf, de kwaliteitsopvolging, het bottelen en de leiding van de verkoop. Wij hebben een vrij klein personeelsbestand en ook alle zorg voor het personeel worden door een broeder behartigd.
Er is nu een reële band tussen de gemeenschap en de brouwerij: wij leven van het werk van onze handen; wij brouwen om te voorzien in ons levensonderhoud. Bovendien zou het uitbreiden van de brouwerij grote investeringen vergen, het aantrekken van meer en hoger gekwalificeerd extern personeel, en het uit handen geven van het beheer. Wij wensen ons eigen economisch systeem niet te veranderen omwille van een tijdelijke nood.
We benutten nu maximaal onze brouwerij binnen de bestaande infrastructuur. In gewone omstandigheden is dat voldoende voor het levensonderhoud van de abdijgemeenschap, om de nodige investeringen te doen voor de brouwerij zelf en om verschillende hulpfondsen te spijzen.
Ook werd het voorstel gedaan om tijdelijk onze bierprijzen te verhogen zodoende grotere inkomsten te genereren voor de bouw. Wij vinden dat we dit niet kunnen doorrekenen naar de verbruiker. Top

 


Terug

Home