"Wees gegroet rabbi"
"Vriend waartoe zijt gij gekomen."
Mattheüs
Nu is Christus tot rust gekomen en gaat, naar rechts gekeerd, Judas tegemoet.
Met Hem kan de monnik, die in die richting door het pand gaat, Jezus' weg ter meditatie volgen.
Moment van grote spanning: Judas durft de Meester niet in de ogen zien, hij wijst hem aarzelend aan, evenals een tweede ruwe figuur, met duistere blik, die omkijkend zoekt naar volgelingen.
Het hoogtepunt van de dramatiek ligt in het wachten op het verraad, Judas' kus!
Een kameleon, beeld van camouflage en vlucht, hangt in een dorre boom van deze ondraaglijk sombere natuur.
En toch, Christus domineert het trieste tweetal, kijkt Judas recht in het aangezicht, vol droefheid om die "vriend" die verloren gaat.
|